Industiële woonstijl

Kies je voor een industriële woonstijl, dan kies je voor een stoere, functionele en pure leefruimte. De industriële woonstijl kenmerkt zich door een ruimtelijke inrichting met een sterk en zelfverzekerd karakter.

Meubels vallen meer op

De naam industriële woonstijl kan misleidend zijn. We associeren ‘industrieel’ nu eenmaal snel met rauw en kille materialen. Maar ook met ingrediënten als glas, RVS, steen, beton, aluminium, hout en leer kun je een prettige woonruimte creëeren. De truc zit hem in het maken van de juiste combinaties èn de kwaliteit van de materialen die je gebruikt. Juist omdat bij deze woonstijl een zekere leegheid hoort, is het belangrijk dat de meubels die je wèl plaatst, hun aandacht meer dan waard zijn. Dat hoeft niet duur te zijn: ook een tweedehands bank, ijzeren kist of zelfgemaakte kast van sloophout voldoen aan het profiel. Bedenk wel dat meubels hier meer opvallen dan in een volgepakt interieur, dus alleen dat neerzetten waar je blij van wordt!

Kleuren

Qua kleur behoren wit, naturel, grijs, zwart en metaal tot je palet, desgewenst met een (primaire) accentkleur als geel, rood of blauw. Maar niet te overheersend; het moet immers ruimtelijk en strak blijven. Materialen spelen een belangrijke rol. Het mooie van de industriële woonstijl is dat juist hier verrassend genoeg alles tot leven lijkt te komen. Een houten tafel op een betonnen gietvloer ga je als vanzelf aanraken. De vacht van een schapenvel worden een kunstwerkje naast het gelikte stalen frame van de bank. Het bakstenen muurtje wordt in zijn puurheid een juweeltje. Het weefmotief van een stoffen poef kwam nooit eerder zo goed tot zijn recht. De afwerking van elke woonruimte is een punt van aandacht, maar dat geldt zeker hier. Doordat rompslomp en allerhande prullaria ontbreken, is een mooi gestukte wand of naadloos gelegde vloer des te belangrijker.

Vloeren

Het hangt af van welk type vloer je kiest: een gietvloer met betonlook of glanzende epoxyvloer, hoogwaardig vinyl of marmoleum, of zelfs brede eikenhouten planken. Het mag allemaal, als je de ruimte maar niet te vol zet. Details gaan als vanzelf in het oog springen. Een verhoogde plint, een plaid op de bank, een vaas op de vloer: omdat de rest vrij sober blijft, worden dit soort toevoegingen echte eye-catchers.

Licht

Een ondergeschoven kindje in het interieur is vaak de verlichting. Doodzonde, want een goed lichtplan is essentieel voor een prettige leefruimte. En licht geeft sfeer. In plaats van één sterk lichtpunt voor de hele kamer, is het veel spannender om meerdere verlichtingspunten te creëeren. Geldt hier voor alles ‘overdaad schaadt’, dan vormt licht de uitzondering op de regel. Er is tegenwoordig een ruime keuze uit strakke wandlampen en spotjes. Een vloerlamp met een sterk silhouet voegt karakter en dynamiek toe aan een ruimte. En wie dacht dat tl-verlichting altijd kil en zakelijk is, moet eens naar de voorbeelden hiernaast kijken. De industriële woonstijl past bij mensen die houden van stoer en sober, van ruimtelijk en overzicht. Die liever iets opbergen dan uitstallen, zich prettig voelen bij rauwe, echte materialen en die met hun interieur een statement durven maken.  

Ruimtelijk en strak

Materialen spelen een belangrijke rol. Het mooie van de industriele woonstijl is dat juist hier verrassend genoeg alles tot leven lijkt te komen. Een houten tafel op een betonnen gietvloer ga je als vanzelf aanraken. De vacht van een schapenvel worden een kunstwerkje naast het gelikte stalen frame van de bank.

Tip: Door spiegelende objecten op te hangen – of neer te zetten - oogt de ruimte groter. Bovendien voegen steeds variërende reflecties een spannende touch toe aan het interieur.